Claudicatio intermittens of etalagebenen

Claudicatio intermittens betekent letterlijk hinken met tussenpozen. In Nederland is een veelgebruikte term voor deze aandoening “etalagebenen”. Als mensen pijn krijgen tijdens het lopen, en hierdoor tijdens het lopen even rust moeten nemen, doen zij net alsof zij naar etalages kijken. Hier komt de naam etalage benen vandaan.

Wat is het?
Claudicatio intermittens is een uiting van doorbloedingsproblemen in de benen als gevolg van slagaderverkalking (atherosclerose). Slagaderverkalking komt bij ieder mens voor, het is een onderdeel van het verouderingsproces van het lichaam. De bloedvaten worden door de jaren heen minder elastisch, stugger en dikker. De binnenkant van de slagader raakt beschadigd door het afzetten van vetten (cholesterol) en kalk, wat door het bloed vervoerd wordt. Hierdoor worden de bloedvaten steeds nauwer. De eerste klachten kunnen zich voordoen tijdens inspanning, bijvoorbeeld tijdens lopen, rennen of traplopen.
Gedurende inspanning vindt in de spieren een stofwisselingsproces plaats waarbij zuurstof gebruikt wordt. Bij een tekort aan zuurstof produceren de spieren tijdens dit proces verzurende afvalstoffen.
Als het vernauwde bloedvat niet meer in staat is om voldoende zuurstofrijk bloed aan te voeren, ontstaat er krampende pijn in het been, die dwingt tot regelmatig stilstaan: claudicatio intermittens.
De plaats waar de patiënt de pijn voelt, zegt meestal iets over de plaats waar de slagader is vernauwd.

Wat is er aan te doen?
Bij elke patiënt met claudicatio intermittens zal gekeken worden welke behandeling de beste optie is. Hierbij wordt vooral gekeken naar de mate waarin de klachten voor u hinderlijk, en daarmee invaliderend zijn. Zo zal een jonge man, met jonge kinderen, een loopafstand van 500 meter als invaliderend ervaren, en zal een hoogbejaarde dame in het verzorgingshuis weinig hinder hebben van een loopafstand van 500 meter. Het doel van de behandeling is het vergroten van de pijnvrije loopafstand en de kwaliteit van leven.

Gesuperviseerde looptraining
De eerste keus voor de behandeling bij patiënten met claudicatio intermittens (of etalagebenen) is looptherapie. Door middel van looptherapie kan de pijnvrije loopafstand vergroot worden. Als deze looptherapie onder begeleiding van een fysiotherapeut wordt uitgevoerd (gesuperviseerde looptherapie), lijken de resultaten aanzienlijk beter. Het woord looptherapie geeft al aan dat we iets anders bedoelen dan (sportief) wandelen. Met looptherapie bedoelen we lopen in een stevige wandelpas. Het is de bedoeling dat u zeer regelmatig oefent in het lopen van steeds langere afstanden. Voor het beste resultaat van de looptherapie is het van belang dat u minimaal 5 keer per week, maar het liefst dagelijks traint, bij voorkeur drie keer per dag, en dit minimaal 3 tot 6 maanden volhoudt. In het begin krijgt u 2 – 3 keer per week begeleiding van uw fysiotherapeut, maar uiteindelijk zal de therapie afgebouwd worden (indien uw conditie dit toelaat) en gaat u steeds meer zelfstandig trainen. Door telkens te lopen tot net voor u uw maximale loopafstand heeft bereikt, kan uw loopafstand vergroot worden.

De fysiotherapeut kan u hierbij helpen en zal in eerste instantie uw bewegingsmogelijkheden met u bespreken en samen met u een persoonlijk en gestructureerd trainingsprogramma samenstellen om zo tot een zo goed mogelijk resultaat te komen. Voor het behoud van het verkregen resultaat is het zeer belangrijk om een actieve levensstijl te ontwikkelen en te onderhouden.
Naast het verbeteren van uw loopafstand zal mede door de begeleiding van een gekwalificeerde fysiotherapeut uw uithoudingsvermogen en uw looppatroon worden verbeterd, en uw mogelijke angst voor inspanning worden overwonnen. Vooral het looppatroon is van belang. Om pijnklachten te omzeilen, gaan veel mensen op een andere geforceerde manier lopen. Uw fysiotherapeut kan u helpen een gezond looppatroon aan te leren.

Wij zijn aangesloten bij Claudicationet, een landelijk netwerk voor looptherapie.